maandag 25 september 2017

Imkeren en honing-ciderazijn

Yes! Ik ben geslaagd voor mijn imker examen!
Na elk weekend, vanaf het voorjaar, les te hebben gevolgd, ben ik nu officieel imker.
Nou ja, imker is een vrij beroep en iedereen mag zichzelf zo noemen,
maar ik vind het wel erg gaaf dat ik dit jaar zoveel heb geleerd.
In theorie, maar vooral in de praktijk.
Bij de bijen van mijn lerares èn mijn eigen bijen.
Voor het praktijkexamen haalde ik zelfs een 10!!
De theorie kon wat beter, maar ach...... informatie opzoeken kan altijd.
Met de super leuke cursusgroep, blijf ik contact houden om ervaringen uit te wisselen
en van elkaar te leren.
Leuk, toch?!

En nu, in het najaar, is het rustig bij de bijen.
Ze zijn ingewinterd en hebben hun rust ook verdiend.
Dat betekent niet dat ze werkeloos zijn, wel dat alles in een wat rustiger tempo gaat.
Als het echt te koud wordt, komen ze niet meer buiten, maar houden ze zichzelf warm in de wintertros.

Om mijn blijde gevoel te delen, heb ik nog een klein en fijn ideetje om te maken.

Ja, ik wilde toch echt wat doen met die hele kleine hoeveelheid honing, die ik dit jaar kon oogsten van mijn bijtjes.
Ik zag in de bijenwinkel een flesje honing-ciderazijn staan.
Ik bekeek het van alle kanten en dacht toen: "dat ga ik zelf maken!"
Ciderazijn is precies hetzelfde als appelciderazijn en laat ik dat nu net opnieuw gemaakt hebben.
Een paar verse potten stonden alweer even op m'n aanrecht te wachten totdat ze 'klaar' waren.
Hoe je appelazijn maakt? Klik hier en vind ook informatie over het gebruik van appelazijn: gezond en helend!

Dan nog een stukje honingraat. Dit ga ik natuurlijk niet zomaar uit de kast halen en dat kan ook niet.
Maar toen, totaal onverwacht, ging in augustus nog volk zwermen. Na een hachelijke onderneming om ze te vangen en na het terugzetten in de kast waar ze vandaan kwamen (.....) begonnen ze overijverig in de extra ruimte, raten te bouwen.
En die vulden ze gelijk met honing, zodat na een kleine week sommige raten al bijna vol met honing zaten.
Voor echte raathoning, moet je zelfgebouwde raten hebben. Geen raten die zijn gebouwd op kunstraat.
Maar..... deze overijverige bijen moesten weer even in het gelid worden gebracht...... en ik moest deze honingraten afbreken en meenemen. Er was geen plaats voor in de bijenkast.

Maar nu had ik verse, prachtig gebouwde honingraat.
De honing liep er gewoon uit. Heerlijk......

De raat sneed ik in een paar stukjes, wat een lekkere en gezonde traktatie is.


Eén stuk honingraat stopte ik in een mooi weckflesje, special voor dit doel gekocht.
Vervolgens schonk ik de appelciderazijn erbij et voilà!

Klaar is mijn zelfgemaakte honing-ciderazijn. Mooi hè?

Ik ga het gebruiken om dressings op smaak te brengen.
Maar wilde het even hier laten zien.

Raathoning kun je kopen bij een imker en kost ongeveer 4 tot 5 euro per 100 gram.
Je hebt voor dit recept maar een klein stukje nodig.

Ik ben eigenlijk nog even benieuwd naar reacties.
Wie vindt het leuk om over mijn bij-avonturen te lezen?
Vind je het leuk als ik volgend jaar hier elke week een blog over plaats,
zodat je een inkijkje in de wondere wereld van een bijenvolk krijgt?
Ik hoor het graag met een reactie hieronder of via Facebook.
Dank je wel.....


zondag 24 september 2017

Frambozenijs, suikervrij

Eigenlijk wilde ik mijn herfstframboosjes gebruiken om er heerlijke haverkoekjes met witte chocolade van te bakken. Dat recept kwam ik bij een collega-blogger tegen.
Maar het wordt nu nog lekker najaarsweer èn  ik moest een speciaal, lactosevrij dessert hebben voor Jenny, die kwam  eten.


En ach, dan doe ik niet moeilijk: ik maakte gewoon zelf ijs, van verse frambozen.


En maar gelijk suikervrij dan.
De romige smaak komt van de kokosmelk, die lactosevrij is!
Hier volgt mijn recept.

Frambozenijs, suikervrij

              genoeg voor 4 à 5 bolletjes

Ingrediënten:
  • 250 g framboosjes
  • 50 ml agavesiroop
  • 150 ml romige kokosmelk
  • 1/2 el arrowrootpoeder



Hoe maak ik het klaar:
Was de framboosjes en doe ze samen met de kokosmelk en de agavesiroop in een mengkom. Pureer alles fijn met de staafmixer. 
Doe de arrowrootpoeder in een schaaltje en meng het met drie eetlepels water. Roer goed door. Verwarm dit mengsel even in een steelpannetje en blijf roeren. Arrowrootpoeder is verkrijgbaar bij een Natuur- of reformwinkel en komt van de Pijlwortelplant die in de Regenwouden groeit.
Het is een natuurlijk bindmiddel en een goede vervanger voor het niet-vegetarische gelatine, wat vaak gemaakt is van bindweefsels, oftewel huiden van varkens of kalveren.
Roer het arrowrootmengsel  door het frambozenmengsel.

Zet het mengsel in een  bakje in de vriezer.
Zet een wekker of timer op een half uur. Roer daarna het ijsmengsel goed door.
Vooral aan de randen zul je ijsafzetting bemerken. Herhaal dit stevig-doorroeren vervolgens elk uur. 
Je kunt ook een keer de staafmixer gebruiken om de ijskristallen, die zich vanzelf vormen, kapot te mixen.
Na een uur of vijf is het ijs klaar voor gebruik.

Lekker koud, friszuur en prachtig rood.

Dit recept maakte ik in het voorjaar met aardbeien. Die zijn uit zichzelf wat
zoeter van smaak......
Dus voegde ik bij dit frambozenijs wat extra agavesiroop toe.

Wat voor temperatuur het ook is........

geniet van je ijsje!!


zondag 17 september 2017

Kappertjes van vlierbessen

Wist je dat je 'kappertjes' zelf kunt maken? Ik bedoel niet de kappertjes die je plukt van de kappertjesplant, die met name in Spanje, Frankrijk of Italië groeit. Nee, want dan gaat het over de Capparis Spinosa, de kappertjesplant waar je de ongeopende bloemknopjes van gebruikt. Deze plant groeit hier niet, maar je kunt wel van andere planten op dezelfde manier, kappertjes inleggen in azijn, of conserveren in zout.
Kappertje komt trouwens van het Griekse woord kapto (κάπτω), dat 'bijten' betekent.

Mijn favoriete wildplukboom of beter gezegd struik, is met stip de vlier. In het voorjaar slaat het vliervirus toe en gebruik ik de vlierbloesem voor thee, pannenkoeken etc.
Eind van de zomer is het de tijd om de vlierbessen te gebruiken. Heerlijk gezond om sap, siroop of jam van te maken.

Maar ja, waarom rijpen die bessen nu niet mooi gelijkmatig zodat ze gemakkelijk te verwerken zijn?
Nu, misschien wel om je uit te dagen ook iets met die groene besjes te doen?
Dat deed ik in ieder geval wel.
Maar, vraag je jezelf misschien af, die groene besjes zijn toch giftig?
Ja, dat klopt. De rijpe, bijna zwarte besjes en de bloesem bevatten geen gif en zijn zó te gebruiken.
Maar de andere delen van de vlier bevatten oa sambunigrine, wat licht giftig is.
Veel dieren krijgen na het eten van de onrijpe vlierbessen bijvoorbeeld diarree. Als wij ze eten, kunnen we misselijk worden of braakneigingen krijgen.
Echter door ze te verhitten, maak je dit gif onschadelijk.

De onrijpe vlierbesjes behandelde ik op dezelfde manier als kappertjes en legde ik in met azijn.
Hoe ik dat deed?

Dat ga je nu lezen......

Kappertjes van groene vlierbessen

Ingrediënten:
  • 5 bloemschermen met onrijpe, groene vlierbessen
  • 1/2 el gemalen zeezout
  • 4 dl witte wijnazijn of appelazijn
  • 1/2 teentje knoflook
  • 1/2 tl gemalen peper
  • klein stukje foelie
Hoe maak ik het klaar:
Pluk de groene besjes en haal de steeltjes er allemaal af. Ga hier maar even voor zitten, want dat is wel een werkje! Je kunt ook de groene besjes van de bloemschermen nemen als je toch de zwarte besjes gebruikt om bijvoorbeeld jam of sap te maken.

Doe de schoongemaakte besjes in een halve liter water met een halve eetlepel zeezout. Zet de besjes twee dagen weg. Het liefst in de koelkast: donker en koel.
Vul de azijn aan met water tot een halve liter en verwarm dit in een pannetje. Voeg de peper, de foelie en nog een halve theelepel zeezout toe. Snijd het knoflookteentje in een paar plakjes en breng alles tegen de kook aan.
Voeg de groene besjes toe en kook ze heel zachtjes voor ongeveer twee minuutjes.
Zet schoon uitgekookte potjes klaar en spoel deze nog even om met heet water.
Schenk de vlierbeskappertjes inclusief het vocht in een potje en zet het omgekeerd weg.
Het deksel zal op deze manier vacuüm trekken.
Zet ze drie tot vier weken weg voor gebruik. Daarna zijn de smaken goed op elkaar ingewerkt en kun je ze gebruiken.
Het smaakt lekker. Natuurlijk iets anders dan de echte kappertjes, maar het gebruik is hetzelfde.
En zó leuk dat je ze ook in ons land zelf kunt 'oogsten'.
Dit is een nog erg onbekend recept in Nederland, maar zeker leuk om eens te proberen.

Twee jaar geleden maakte ik ook op deze manier vlierbeskappertjes.
In de koelkast zijn ze heel lang houdbaar.
En ter geruststelling: ik heb nooit maagproblemen gekregen door de groene besjes - even verhit - in kleine hoeveelheden te eten.
Ik gebruik ze bijvoorbeeld in zelfgemaakte zwarte tapenade. Klik voor dit recept hier

De vlierbesjes zijn vanaf augustus tot ruim in de herfst te oogsten.
Ik zou zeggen: "Geniet van de vlier en wat die ons biedt.

donderdag 14 september 2017

Moussaka, vegan

Zeg je 'Grieks'  dan denk je eerst en vooral aan vlees, veel vlees. Dat dit niet nodig is, 
bewijst dit recept. Een Grieks gerecht, niet alleen zonder vlees, maar volledig vegan, dat kan echt!
Dit recept, wat aangepast door mij, komt uit het boek "De Veganistische Keuken" van Ben Klok.

Het verschil tussen vegetarisch (vega) en veganistisch (vegan) zal ik heel beknopt beschrijven.
Eet je vega, dan staan er geen dode dieren op je menu: geen vlees èn geen vis dus. 
Je gebruikt ook geen vleesbouillon etc.
Eet je vegan (met de nadruk op -n) dan eet en gebruik je helemaal geen dierlijke producten. 
Zo eet je geen vlees en vis, maar je gebruikt ook geen zuivel: geen kaas, boter, melk etc. 
Je eet geen eieren en honing en gebruikt geen leer en wol. Kortom: niets van een dier!

De dierlijke producten die ik gebruik zijn eigenlijk alleen boter, geitenkaas 
- helaas heb ik geen eigen geit- eieren van mijn eigen kippen en honing van mijn eigen bijen. 
Ik eet vega, alweer een jaar of zestien. En in de begintijd, 
heb ik  zo'n anderhalf jaar vegan gegeten......



Maar even terug naar mijn heerlijke, Griekse gerecht: Moussaka!

Oeps! Mijn foto's zijn mislukt, maar oh, wat smaakte deze vegan Moussaka me heerlijk! Wat een geweldige smaken: zoet en hartig tegelijk........ I love it!

En met alle groentes hiervoor vers uit eigen tuin, moet ik dit hier wel delen.
Geniet méé van echt comfortfood in een vegan gerecht en vertel me naderhand of je iets gemist hebt.......

Moussaka

        voor 4-6 personen

Ingrediënten:
  • 2 aubergines
  • 2 uien
  • 1 teentje knoflook
  • 600 g aardappels
  • 300 g wortel
  • 400 g bloemkoolroosjes
  • 8 verse tomaten
  • olijfolie
  • versgemalen zeezout
  • 2 tl kaneel
  • 1 tl piment
  • 3 el gistvlokken
  • versgemalen zwarte peper
         voor de witte saus
  • 3 el plantaardige margarine
  • 4 1/2 el tarwebloem
  • 6 dl sojamelk ongezoet
  • 1/2 tl versgeraspte nootmuskaat
Hoe maak ik het klaar:
Snijd de aubergine in schijven en bak ze in een ruime pan, aan beide zijden, korte tijd in een scheut olijfolie. Laat ze daarna uitlekken op keukenpapier.
Maak de overige groentes schoon. Pel en snipper de ui, pers het teentje knoflook uit, schil de aardappels en snijd ze in schijven. Was de bloemkool en verdeel in roosjes, was de tomaten en snijd in blokjes.
Doe in dezelfde pan waar de aubergine in gebakken werd, een scheutje olijfolie en fruit eerst de uisnippers en knoflook. Voeg er dan de aardappels, groenten en tomaten aan toe, samen met 1 dl water en laat 10 minuten zachtjes stoven, met het deksel op de pan.
Haal van het vuur en roer er kaneel, piment en naar smaak zout door. Voeg ook de gistvlokken en zwarte peper toe. Verwarm de oven voor op 200 °C.

Even tussendoor iets meer over gistvlokken.
Gistvlokken zijn vlokken van gedroogde en bewerkte gist, ze bevatten  veel B-vitamines en zijn een goede eiwitbron. De vlokken hebben geen 'rijzende' eigenschap meer.
Wel geven ze een hartige kaasachtige smaak, vandaar dat gistvlokken door veel veganisten worden gebruikt. Je kunt er bijvoorbeeld een prima kaassausje van maken.
Gistvlokken of anders gezegd, edelgist kun je online bestellen of bij een Ekoplaza of goed gesorteerde, grote supermarkt kopen.

Maak de witte saus door de margarine in een pannetje te smelten. Roer er de bloem doorheen, tot je een bal krijgt. Voeg dan scheutje voor scheutje de melk toe. Roer met een garde goed door voordat je een nieuwe scheut toevoegt. Breng het sausje aan de kook en laat iets indikken. Breng het op smaak met de nootmuskaat en wat versgemalen zeezout.

Vet een ovenvaste schaal in met wat olie en leg er een laag aubergine in.
Verdeel daaroverheen de helft van het groentemengsel en maak dan weer een laag aubergine. Verdeel de rest van het groentemengsel erover en schenk dan de saus erover. Zet de moussaka 30 minuten in de voorverwarmde oven.



Bak tot de bovenkant een krokant, bruin korstje krijgt.
Oh, wat is dit heerlijk verwarmend èn niet alleen voor je lichaam.
Want wist je dat kaneel je een geluksgevoel geeft?

Geniet er van!

woensdag 6 september 2017

Pruimenlikeur

"Tot in de pruimentijd!" zei men vroeger als het lang zou duren als je elkaar weer zou zien.
De pruimentijd op mijn moestuin is wel een rekbaar begrip, ervaar ik dit jaar. De eerste boom op de moestuin gaf al eind juni prachtige, rood/gele pruimen. En nu oogst ik, begin september nog, van mijn andere pruimenboompje, voor het eerst sinds ik hem heb. En dit zijn kleine blauw/paarse pruimen.
Om precies te zijn bedroeg mijn oogst:  1750 gram pruimen.
Vorig jaar kwam er nog geen één pruimpje aan dit boompje.  Mijn bijenkast staat er schuin onder, dus ik ben mijn bijtjes dankbaar voor deze lekkere, tweede pruimenoogst.

Deze pruimen zijn alleen wat klein, maar in het omgekeerde pruimentaartje - klik hier voor het recept - passen ze goed.
En dan heb ik nog pruimen voor jam en voor chutney en......... dan heb ik nog meer pruimen over.
Ik maakte er lekker pruimenlikeur van.
Makkelijk te maken en het drinken........ ja, dat is dan pas  'in de pruimentijd'.

Pruimenlikeur

Ingrediënten:          
  • 500 g pruimen, schoongemaakt
  • 1 kaneelstokje
  • 2 pimentkorrels
  • 1 steranijs
  • 150 g suiker
  • 1/2 l brandewijn
Hoe maak ik het klaar:
Zorg voor een schone fles of pot van ongeveer één liter.
Was de pruimen, maak ze schoon en ontpit ze.
Doe de pruimen in de fles met brede halsopening. Voeg de pimentkorrels, de steranijs, het kaneelstokje en de suiker toe.
Overgiet met de halve liter brandewijn. Ik gebruikte inmaakbrandewijn met vanille, met een alcoholpercentage van 28%.


Er wordt wel beweerd dat likeur gemaakt moet worden met een drank van minimaal 40%,  voor een betere en minder zoete smaak. Maar ik experimenteer eens met deze. Je kunt naar smaak ook jenever of wodka gebruiken als basis voor je likeur.
Sluit de fles af en zet 'm weg. Laat de smaken zo'n drie maanden intrekken.
Vervolgens zeef je de pruimen en specerijen eruit en laat je de likeur nog 6 weken staan.
En dan....... is 't ie goed op smaak en fijn om te drinken.

Ik ben nog benieuwd wat voor kleur deze likeur gaat worden.
Ook van de geel/rode pruimen heb ik een pot likeur staan: die wordt al mooi zachtroze van kleur.

Als je de vruchten eruit zeeft, hoef je deze niet weg te gooien.
Je kunt ze nog gebruiken als 'dronken pruimen' in een gevulde cake of taart. Klik hier voor het  recept van een taart met dronken aardbeitjes. De aardbeitjes kun je vervangen door de pruimen.

En als je dan héél, héél lang hebt gewacht, bijna tot in de pruimentijd van volgend jaar, kun je deze likeur drinken.
Op je gezondheid!


dinsdag 5 september 2017

Sperziebonen met spaghetti en zwarte tapenade

Nu de bonen in bosjes tegelijk geplukt kunnen worden, leef ik me uit met sperziebonen. Wat een heerlijke, veelzijdige groente: een echte favoriet in ons gezin. En bij veel anderen :)
Een makkelijk en snel klaar gerecht is "sperziebonen met spaghetti en zwarte tapenade".
Van begin tot eind kost het je 15 tot 17 minuten.
Wie wil dat nu niet, op een drukke dag toch een verse maaltijd op tafel toveren?

De zwarte tapenade maak ik zelf en is niet moeilijk.
Wat frisse mozzarella erdoor, basilicumblaadjes voor de smaak...... lekker Italiaans!

Sperziebonen met spaghetti en zwarte tapenade

                            voldoende voor 4-6 personen
Ingrediënten:
  • 750 g sperziebonen
  • 600 g volkoren spaghetti
  • 2 bollen mozzarella
  • 6 takjes verse basilicum
         voor de tapenade
  • 100 g zwarte olijven
  • 1/2 el kappertjes
  • 1 gedroogd tomaatje op olie
  • 2 teentjes knoflook
  • 1/2 el geroosterd paprika
  • 1/2 el olijfolie
Hoe maak ik het klaar:
Vul een grote pan met water voor dit simpele eenpansgerecht en breng aan de kook. Maak ondertussen de sperziebonen schoon. Houd ze lang, dat combineert mooi bij de lange spaghetti.
Als het water kookt, voeg je de spaghetti toe. Ik houd altijd de tijd voor al dente aan, dat is 7 minuten koken. Voeg echter na 2 minuten de sperziebonen toe en laat de bonen vijf minuten meekoken.
Maak ondertussen de tapenade klaar.
In de kant en klare potjes in de winkel, zit altijd ansjovis, maar met deze combinatie van ingrediënten, heb ik een geweldig vegan alternatief.
Pel de teentjes knoflook en snijd het tomaatje in stukjes.
Doe alles in een mengkom en pureer met de staafmixer.
Een roodzwarte smeuïge pasta is het resultaat.
Voeg eventueel wat extra olie toe als het te droog blijft.
Snijd de mozzarella in blokjes.

Laat de spaghetti en sperziebonen na het koken uitlekken.
Schep de tapenade door de pasta.
Voeg de blokjes mozzarella toe en roer de blaadjes basilicum erdoor.

Breng eventueel op smaak met versgemalen peper.
Hoewel de tapenade voor voldoende 'pit' zorgt.
Buon appetito!


De tapenade is ook lekker op brood, een toastje of in een bladerdeeghapje.
Wist je dat je ook zelf kappertjes kunt 'maken'?
Stay tune....... dit recept deel ik binnenkort!

zondag 3 september 2017

Gevulde pepers

Op vakantie vind ik niets lekkerder dan ontspannen in het zonnetje voor de tent te zitten, met een wijntje en wat mezze of tapas erbij. Voor de eerste dagen had ik wat lekkers van thuis meegenomen - een lekkere chutney, gemarineerde courgettes - , maar toen dat op was, gingen we op zoek naar meer.
We kwamen erachter dat er in het Duits en Vlaams geen verschil is in het woordje paprika of peper. Dat bleek tenminste,  toen we als tapas lekker gevulde paprikaatjes dachten te eten, die toch wel heel, heel erg pittig waren.
In ieder geval werd ik toen al geïnspireerd om dit zelf te gaan maken. Zeker omdat deze pepertjes niet biologisch te koop waren, maar inclusief E-nummers..... dus ik bedacht: "die ga ik thuis zelf
maken!". Als we maar genoeg pepers hebben. Nou, daar had ik me geen zorgen over hoeven maken.....
Ik heb inmiddels al vier potjes sambal gemaakt.
Dat kón al van m'n pittige to-do-list af.

Ik wilde graag ook de 'kaas'  zelf maken en dat is eigenlijk geen enkel probleem, alleen een kwestie van tijd.
Ik maakte hangop. Hangop is datgene wat overblijft als je volle yoghurt laat uitlekken. Het is dikker dan kwark en is eigenlijk de basis van kaas. Hier heb ik dat duidelijk beschreven. Het is verse kaas, die je gelijk kunt gebruiken, alleen nog op smaak moet brengen.
Hangop ken je misschien van een toetje of ontbijtgerecht. Maak je meer hangop dan nodig is voor in de pepertjes, dan kun je het ook daarvoor gebruiken.

Ik maakte mijn eigen verse kaas, waarmee ik mijn verse pepers vulde.
Niet jokken..... mijn eigen pepers liggen rechts en zijn ietwat te dun om te vullen, dus ik gebruikte de grotere pepers die ik kreeg van Joke en Geert........
Wat zien die er mooi uit.
Zonde om fijn te snijden en ergens doorheen te mengen waar je niks meer van ziet.
Deze ga ik dus vullen!!

Gevulde pepers met hangop

Ingrediënten:
  • 6 à 7 grote of brede rode pepers
  • 1/2 l biologische, volle yoghurt
  • 1/2 tl versgemalen zeezout
  • 1/2 tl komijnzaadjes
  • 1 tl oregano
  • 2 dl azijn
  • 50 g suiker
Hoe maak ik het klaar:
Begin een dag van tevoren en maak de hangop.
Schenk de halve liter yoghurt in een zeef waarin je een kaasdoek hebt gelegd. Laat dit rustig


uitlekken boven een kom.
De volgende dag roer je datgene wat bovenin de zeef zit, door elkaar. Breng op smaak met zout, oregano en komijn. Natuurlijk kun je kruiden naar smaak.

Ik heb maar wat uitgeprobeerd.
Neem de Spaanse, rode pepers, snijd de bovenkant er ruim af en probeer via de bovenkant de zaadjes te verwijderen. Ik deed weer mijn handschoentjes aan en gebruikte hiervoor een mesje, een eetstokje en een satehstokje. (samenwerking;)).
Vervolgens experimenteerde ik verder.
De helft van de pepers kookte ik voor één minuut in een steelpannetje, gevuld met 2 dl azijn, 2 dl water en de suiker. De andere pepers liet ik ongekookt.

Daarna kwam het klusje om de plakkerige kaas in de pepers te krijgen.
Ik probeerde van alles, maar je moet vooral lang gereedschap gebruiken, omdat het tot onderin de peper moet komen.
Pas op! Maak de peper niet kapot, dus werk voorzichtig.
Je kunt de pepers nu in een bakje in de koelkast bewaren, maar zó zijn ze erg pittig.
Oehhh..... lekker maar erg hot.
Je kunt ze ook in een potje zetten en daar het azijn-suikermengsel bij schenken.
De suiker zorgt ervoor dat de pepers een stuk milder smaken.
Voor de smaak maakt het trouwens niet uit of de pepers wel of niet voorgekookt zijn.

Ik vond ze erg lekker en deze keer een stuk verantwoorder dan - inclusief E-nummers - kant en klaar  uit de supermarkt.

Als je van pittig houdt....... mjammie.
Pas op! Eet er nooit teveel van.....

Lekker bij een salade.....
Maar vooral als borrelhapje bij een glaasje rosé!

Houden jullie ook van pittig op z'n tijd?