donderdag 13 december 2018

Bloc de Choc

Op een koude, winterse dag is er niets fijner dan op te warmen van binnenuit. Met een lekker warm drankje!
Al slenterend buiten op de winterfair, op een zitje bij de kerstmarkt of cosy binnen.
Laat het wel snel klaar zijn, als je al verkleumd bent.
En dát kan met deze bloc de chocs, of chocosticks.
Simpel te maken terwijl het er leuk en chique uitziet. En deze bloc de choc is makkelijk om te toveren tot een beker vol warme chocolademelk.
Want een bloc de choc is niets anders dan een blokje chocolade aan een stokje. Je lost de chocolade op in een glas of mok hete sojamelk of amandelmelk.....
Even roeren én..... een dampend warme beker staat voor je!
Geniet er zelf van, of  geef het cadeau.


Bloc de Chocs

Wat heb ik nodig:
  • 300 g pure chocolade of melkchocolade
  • twee pannen, net verschillend van grootte
  • ijslolliestokjes 
  • ijsblokjesvorm
  • evt. kleine glaasjes
Hoe maak ik het klaar:
Hoeveel chocolade je gebruikt, maakt niet zoveel uit. Ik gebruikte een restant chocoladeletters en puur en melk tegelijk. Begin met de grootste pan half vol water te doen. Breng het water aan de kook. Zet hierin de kleinere pan en breek de chocolade in stukjes in deze pan. Zo smelt de chocolade au-bain-marie. Roer af en toe tot je een diepbruine chocoladesaus hebt gekregen.
Zet de ijsblokjesvorm of kleine glaasjes klaar. Ik kocht speciaal ijsblokvormen bij de tweedehandswinkel. Vul de vormpjes met de chocolade. Van het vuur af wil de chocola weer gaan opstijven.

Zet in elk blokje, een ijslolliestokje  (gezellig, dat rijmt nog;)). IJslolliestokjes haal je bij een hobby- of kookwinkel, of bij de Action. Om het proces van hard-worden te versnellen, zet je de blokjes in de koelkast.
Na ongeveer een uur in de koeling of twee daarbuiten, zijn ze voldoende opgestijfd. 


Haal ze uit de vorm door wat heet water  langs de onder- en zijkanten te laten lopen. 

Bewaar ze op vetvrij papier, of 



verpak ze mooi in cellofaan om cadeau te doen.



Of maak er gelijk, voor een fijn me-time-momentje een dampende mok chocolademelk mee...….

Naast gewone chocoladeblocs kun je ook variëren in smaak.
Geraspte sinaasappelschil, of wat zeezout of fijngehakte hazelnoot kun je makkelijk door de chocolade mengen en vervolgens de vormpjes vullen.
Doe er niet teveel in, het moet wel te drinken blijven.
Maar wees creatief en volg je eigen smaak!

Ik maakte mijn eerste bloc de chocs voor de kinderen. Ze kregen het vanavond in hun adventdoosje;  stay tune voor meer over deze nieuwe Adventskalender bij ons.
Het viel in de smaak, vooral de meisjes hier in huis zijn echte chocolovers. 
Toch iets met vrouwelijke hormonen en chocola, vermoed ik ;).
Geef jij het ook cadeau? 't Is een lief en warm gebaar voor iemand die je wilt verrassen in deze donkere, koude dagen.
Ik zie het ook al voor me als een bijzondere traktatie voor de juf op school.....
Ssssst,  niet verklappen!

maandag 10 december 2018

Bami zonder zakjes en pakjes

Bami kun je, net als nasi prima klaarmaken zónder zakjes en pakjes: met verse groentes!
Gebruik jij ze nog voor het gemak: kant en klare pakjes en zakjes? Zonder je een schuldgevoel te willen aanpraten, wil ik je met dit recept juist laten zien, dat je zo'n pakje niet nodig hebt. 

De winkel wil je natuurlijk het tegendeel laten geloven, kijk naar een klein deel van hun assortiment......
Een zakje lijkt sneller, maar dat valt in de praktijk wel mee. Bovendien zit er best wat zout en smaakversterkers in zo'n zakje. Maak je het zelf klaar, dan is het vers èn je weet precies wat erin zit.

Dit recept bevat veel verse groente, waarvan ik de bloemkool nog uit de moestuin haalde. Ik wist namelijk niet meer of ik winterbloemkool of zomerbloemkool had gezet. Voordat 'ie toch niet tegen vorst kan, stop ik 'm maar in deze bami. Ik had precies genoeg! Ook de selderij en het bevroren rode pepertje komen uit de tuin.
Dit recept is niet alleen vegetarisch, maar ook vegan: zonder enige dierlijke toevoeging.  Een gezonde leefstijl en het verkleint je ecologische voetafdruk enorm als je zó eet.
Sommigen van ons aten bij de bami een omelet. Dat is naar keuze.

Bami zonder zakjes of pakjes

                         voldoende voor 4 - 6 personen
Ingrediënten:
  • 400 g mie
  • 250 g tofu
  • 4 el olie
  • 2 teentjes knoflook
  • 200 g sperziebonen (diepvries kan even goed)
  • 100 g wortel
  • 1 rode peper
  • 100 g bloemkool
  • 100 g witte kool
  • 100 g prei (1 dunne prei)
  • 200 g taugé
  • bosje vers selderijblad
    voor de tofu-marinade
  • 1 teentje knoflook
  • 1 tl miso of sterke bouillonpasta
  • 1 dl heet water
  • klein stukje verse gemberwortel
  • 1 el zoute ketjap of tamari
  • 1 el tomatenketchup bio
           voor op tafel
  • gebakken uitjes
  • seroendeng (kun je ook zelf maken....)
  • ketjap
  • sambal (pittig of mild, zelfgemaakt of....)
  • pindasaus (makkelijk zelf te maken!)
  • cassavechips
  • augurkjes
  • ingemaakte groene tomaatjes
  • voor een niet vegan variant: spiegelei of omelet
Hoe maak ik het klaar:
De tofu moet minimaal een uur marineren, maar dit mag gerust ook een avond van tevoren. Als je daarvoor kiest, kan de bami binnen een half uur op tafel staan. Zelfs inclusief het maken van de pindasaus. Begin dus met de tofu. Om de tofu een steviger structuur te geven, kun je hem in plakken snijden en invriezen. Na een nachtje is de structuur veel steviger en vaster. Snijd de tofu in kleine blokjes. Je kunt nu kiezen om de tofu eerst in hete olie te bakken en dan pas te marineren of eerst te marineren. Ik kies meestal voor het laatste. Pers de knoflook uit en maak met alle ingrediënten een marinade. Doe hier de tofu in en zorg dat de blokjes onderstaan.
Vul een grote pan met ruim water, breng aan de kook en kook hierin de mie gaar volgens de aanwijzing op de verpakking. Laat de mie uitlekken in een vergiet.
Maak ondertussen de groente schoon. Snipper de knoflook, snijd de wortel in kleine reepjes, de rode peper in kleine stukjes, de kool in reepjes, de prei in ringetjes en de bloemkool in kleine roosjes.
Verhit de olie in een wok en bak eerst de gemarineerde tofu op hoog vuur. Voeg dan de knoflook, peper, wortel, bonen, bloemkool en kool toe. Roerbak ongeveer 10 minuten.
Voeg de uitgelekte mie, de prei en de taugé toe.

Voeg naar smaak wat zeezout toe en zet de ketjap en sambal op tafel.
Bak nog ongeveer 5 minuten.
In de tussentijd kun je de pindasaus maken. Niet uit een zakje of kant en klaar bakje. 
Gewoon wat pindakaas, teentje knoflook, theelepeltje rietsuiker, mespunt sambal en wat water. 
Goed roeren tot een saus.
Wil je het complete recept?
Staat bij het -eveneens vegan - recept van nasi zonder pakjes en zakjes!

En dan..... aan tafel!
De kinderen vinden deze maaltijd super.

En met eetstokjes kunnen ze al aardig overweg.
Ze moeten wel, want bestek krijgen ze er gewoon niet bij.
Goed voor hun CQ-gehalte...….


Eet smakelijk!

Hoeveel zakjes en pakjes gebruik jij nog?
……..





vrijdag 7 december 2018

Hottie van groene tomaten

Wanneer ben je nu eigenlijk een held, vroeg ik me zomaar opeens af.....
Is een held niet iemand die redt?
Ben je dan een held wanneer je een mens hebt gered? Of is een dier redden ook heldhaftig genoeg?
Ik heb weleens lieveheersbeestjes gered, ooit een vogeltje èn een eend (die we daarvoor zelf hadden aangereden.... oeps).  Maar ook al denk ik hard na, het was niet veel heldhaftiger dan dat.... geloof ik. Dus een held.... mwah.... dat ben ik niet echt!
Toch redde ik een heleboel tomaten. Groene tomaten! Bij mijn broer uit de kliko.
Hij had er nog nooit van gehoord dat je groene tomaten kunt eten en dat je er allerlei heerlijks mee kunt klaarmaken.
Ik had even daarvoor zo'n 5 kilo groene tomaatjes uit eigen moestuin ingemaakt.... Heerlijk: klik hier
Maar ja, als ik dan hoor dat er zoveel soortgenoten verdwijnen bij het afval, wil ik ze graag redden en een betere bestemming geven.
Ik denk niet dat ik hiermee de krant zal halen.... maar ik kan er niet goed tegen als voedsel wordt weggegooid of wordt verspild.
Don't waste food!!
Als de nachttemperatuur onder de 10 graden komt, rijpen tomaten niet meer buiten aan de plant. Een tomatenplant houdt van warmte. Je kunt nog proberen ze binnen op een zonnige vensterbank na te laten rijpen. De kleur kan rood worden, de smaak wordt niet meer zo lekker als in de zomer.
Van mijn broer kreeg ik ook de laatste rode tomaten mee: heerlijk! Maar de groene nam ik eveneens mee. 
En daar sta ik dan weer in de keuken:
Inmaken? Chutney? Jam?
En dan weet ik het..... ik maak ketchup en sambal. Okay.... geen echte sambal, ik noem het 'Hottie'. 


Want het is wel een héte saus!
Vandaag het recept van de hottie: sambal op basis van groene tomaten.

Hottie van groene tomaten


Ingrediënten:
  • 1 kg groene tomaten
  • 1 ui
  • 5 rode pepers
  • 1,5 dl appelazijn
  • 3 el olijfolie
  • 5 kruidnagels
  • 2 stukjes foelie
  • 4 tenen knoflook
  • 75 g rietsuiker
  • 1 tl honing
  • 1 el groentebouillonpasta of poeder (maak dit lekker zelf)
  • 1 tl gemberpoeder
  • 100 g (rabarber)chutney (of neem een potje jam)

Hoe maak ik het klaar:
Was de groene tomaatjes, snijd eventuele bruine plekken weg. Snijd ze in kleine blokjes en verwijder het bovenste harde stukje bij de steelaanzet. Kook de tomatenblokjes samen met de appelazijn 20 minuten goed door.
Ondertussen maak je de ui, knoflook en de pepers schoon. Snipper de ui, pers de knoflook en snijd de pepers in ringetjes. 
Van de pepers hoef je de pitjes niet te verwijderen, want het mag gerust héét worden. Hoewel het eigenlijk de zaadlijsten zijn, de witte randen waar de zaden aan vastzitten, die het meest pikant smaken.
De stof die verantwoordelijk is voor de hete smaak van Spaanse peper is capsaïcine. Die prikkelt direct de mond, waardoor de smaak vaak als 'heet' wordt omschreven.
De heetheid van een peper kun je meten en wordt weergegeven op de Scolvilleschaal, die in 1912 is ontwikkelt door meneer Scoville. Eerst werd door middel van smaaktests gemeten hoeveel men een gemalen peper moest verdunnen voordat hij niet meer als scherp werd ervaren. Tegenwoordig wordt de concentratie van capsaïcine gemeten. Een gerecht wordt al als pittig ervaren rond de 500 - 1000 Scoville-eenheden.
Deze saus: een milde sambal, maar een hete tomatensaus (hottie) ligt beslist rond de 1000 Scoville-eenheden.
Verhit de olie in een hapjespan en roerbak hierin de ui, knoflook en pepers.  Voeg na drie minuten de kruidnagels, stukjes foelie en het gemberpoeder toe.
Als de groene tomaatjes gaargekookt zijn, voeg je ze toe aan dit ui-kruidenmengsel. Schep er een lepel groentebouillonpasta of -poeder door.

Laat het geheel een half uur koken, zodat de smaken goed op elkaar inwerken. Om de smaak te intensiveren en de houdbaarheid te vergroten voeg je de suiker toe. Ik had nog een potje rabarberchutney  in de koelkast staan, wat ik toevoegde. Je kunt ook een halve pot jam toevoegen die maar niet leeg wil....  Proef tussendoor of de smaak goed is.
Voeg op het laatst de honing toe.
Zorg dat er goed schoongemaakte potjes klaar staan. Liefst uitgekookt in sodawater en zorg dat ze warm zijn door ze vlak van tevoren met kokend water om te spoelen.
Ik pureerde een deel van de saus met de staafmixer. Dit werd wel erg fijntjes. Een ander deel pureerde ik niet. Ik houd wel van een beetje structuur in een sausje.
Kijk zelf wat je lekker vindt
Vul de potjes met de hete saus en zet ze omgekeerd weg. Zo kunnen de deksels vacuüm trekken en blijft deze hottie lang houdbaar.

Na het openen in de koelkast bewaren. Maak het potje dan binnen een paar weken op.


Een lepel 'hottie' wat niet meer in het pottie paste,  heb ik gelijk geproefd.... 
heerlijk op een cracker of toastje met kaas.
Verder kun je deze saus gebruiken zoals je sambal gebruikt. Mijn oudste zou het op zijn gebakken ei smeren, 
maar denk ook aan Chinese en andere Oosterse gerechten.
Of gebruik het eens als je in een gerecht een currypasta zou gebruiken.

Wees een held en eet eens heet!
Geniet ervan, met mate.....















dinsdag 4 december 2018

De allerlekkerste pompoensoep


Misschien klinkt het wat pretentieus: de allerlekkerste pompoensoep.... maar ja, dat kun je alleen weerspreken als je 'm zelf hebt geproefd. En aangezien mijn feestje mét soepbuffet voorbij is, mag je 'm zelf maken, met het volgende recept.

Pompoen leent zich ervoor om te combineren met krachtige smaken. En dát heb ik gedaan!

Ik maakte een extra grote pan vol soep. Dan kun je lekker veel mensen uitnodigen (zoals ik deed met het verjaardagsfeest van m'n dochter) of er lekker lang mee doen. Elke middag een warm kopje soep bij de lunch gaat er wel in op grauwe, koude dagen, niet?!

De allerlekkerste pompoensoep

                   voldoende voor 12-16 borden
Ingrediënten:

  • 2 kg  pompoen
  • 2 uien
  • 3 teentjes knoflook
  • 4 el olijfolie
  • 2 rode pepers
  • 100 g tomatenpuree
  • 2,5 liter groentebouillon
  • 2 dl sojaroom
  • 200 g feta
  • 2 el honing
  • handje korianderblaadjes
Hoe maak ik het klaar:
Sommigen zien op tegen het schoonmaken van een pompoen. Maar wist je dat je van oranje (Hokaido) pompoenen de schil ook kunt eten? Scheelt een heleboel in schoonmaaktijd. En bij deze soep krijg je een mooiere, dieporanje kleur.  Snijd de pompoen in stukken, verwijder de zaden en eventueel de bruine plekjes op de schil. Snijd de pompoen in blokjes.
Maak de ui en de knoflook schoon. Maak de rode peper schoon en snijd deze in kleine stukjes. Snipper de ui en pers de knoflook uit. Verhit de olie in een grote soeppan. Fruit de ui, de peper en de knoflook. Voeg na twee minuten de tomatenpuree toe en daarna de pompoen in blokjes gesneden.
Maak ondertussen de groentebouillon van blokjes, poeder of pasta.
Voeg de bouillon toe en breng het geheel aan de kook.
Laat ongeveer twintig minuten koken.
Pureer de soep met een staafmixer tot een gladde, gebonden soep.
Schenk de sojaroom in de soep. Verbrokkel de feta en voeg toe. 
Breng op smaak met de honing en koriander.
Serveer met een peperringetje en een blaadje verse koriander.

Wat een rijke, goedgevulde soep. Zo krijgen ook kinderen gemakkelijk hun portie groente op een dag binnen.

Variaties:
  • Mag het wat minder pittig? Vervang de verse pepers dan door wat druppels tabasco.
  • Je kunt ook variëren met verse kruiden. Gebruik eens basilicum of munt in plaats van koriander.
  • Heb je niet zoveel nodig? Halveer het recept of vries een deel in voor later.....

Ik had dit jaar zo'n vijfentwintig tot dertig pompoenen in de tuin. Pompoenen kun je maandenlang bewaren en ik bedenk me net, dat ik met Kerst ook maar pompoen op tafel zet.  

Heb jij een ander lekker pompoenrecept? Ik vind het leuk als je het met me wilt delen.

Voor nu.... eet smakelijk!





zondag 2 december 2018

Pepernotencake

Er ontstond enige discussie over de naam van deze cake. Er zitten namelijk geen pepernoten in, maar kruidnoten. Maar ja, in de volksmond wordt dit nogal eens door elkaar gehaald. Geeft eigenlijk niks: pepernoten zijn herkenbaar en horen echt bij de Sinterklaastijd. Net als marsepein, speculaas, taai-taai en kruidnoten. 
En ook deze lekkere cake bak je natuurlijk nu!!
Ik bedacht deze Sinterklaascake vorige week en deel hem graag met jullie.
Geniet je mee?!
Trouwens, vier je Sinterklaasavond ergens anders, dan is dit het perfecte cadeau om mee aan te komen èn niet alleen voor de gastvrouw ;)

Pepernotencake

Ingrediënten:
  • 240 g roomboter
  • 200 g rietsuiker
  • 4 eieren
  • 110 g biologische bloem
  • 110 g volkoren meel
  • 10 g wijnsteenbakpoeder
  • 1/2 tl fijn zeezout
  • 2 tl kaneel
  • 1/2 tl gemberpoeder
  • 1/4 tl gemalen kruidnagel
  • 1/4 tl gemalen kardemom
  • 100 g kruidnoten
  • evt. 150 g witte chocolade
Hoe maak ik het klaar:
Verwarm de oven voor op 160 graden.
Doe de boter, in blokjes gesneden, samen met de suiker in een kom.
Mix tot het botermengsel zacht en schuimig is. Voeg onder voortdurend kloppen de eieren één voor één toe. Voeg pas een volgend ei toe als het eerste ei helemaal schuimig geklopt is. Mix minstens tien minuten. Door het mixen komt er lucht in het beslag, waardoor het beter gaat rijzen.
Meng het meel, de bloem, de specerijen, het zout en het bakpoeder door elkaar.
Voeg steeds een deel meelmengsel toe aan het eiermengsel en roer goed door, tot het één luchtig beslag is.

Schep de kruidnoten er luchtig door.
Vet een cakeblik van anderhalve liter in met boter.
Ik doe er ook een vetvrij bakpapier in (zie foto naast de ingrediënten), zodat de cake makkelijker uit de vorm gehaald kan worden na het bakken.
Doe het beslag meteen over in de ingevette cakevorm. 
Zet de cake in het midden van de voorverwarmde oven. Leg een beboterd bakpapier (of een lege verpakking van de boter zelf) bovenop de cake. Je voorkomt op deze manier dat de cake een bult of een barst krijgt. 
Bak de cake in ongeveer 1 uur en 20 minuten gaar en goudbruin.
Doe het eerste half uur de oven niet open.
Steek een cakeprikker of breinaald in de cake om te kijken of de cake ook aan de binnenkant gaar is. Komt die er namelijk droog uit, dan is de cake gaar.
Laat de cake in de vorm en in de geopende oven, iets afkoelen.


Stort hem daarna op een taartrooster om verder af te koelen.
Versier de cake door de witte chocolade au-bain-marie te smelten en het over de bovenkant van de cake te verdelen. Laat het van de randen afdruipen.

Snijd het eerste stukje (kapje) als de cake nog lauwwarm is: heerlijk!



Variaties:
  • Bak deze cake eens in een ronde springvorm (24 cm doorsnede), voor een echte taart!
  • Vervang de verschillende specerijen door 3 tl  koekkruiden
  • Als je niet ander in huis hebt: gebruik dan zelfrijzend bakmeel in plaats van de bloem, het meel en het bakpoeder
  • Vervang de witte chocoladesaus door een glazuur, evt met cacao gemengd
Wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe.....
Dit oude liedje leert ons heel onpedagogisch dat goed gedrag beloont wordt met extra zoetigheid.
Maar ach..... één keer in het jaar, met Sinterklaas, mag het wel.
En deze cake is zoet, een echte traktatie voor wie lief is geweest!



Gaan jullie - net als wij hier - nog Sinterklaasavond vieren?
Dan wens ik je heel veel plezier!

Heb je het al gevierd?
Blijf zoet en goed, want.... 
volgend jaar komt de Sint weer ;)



donderdag 29 november 2018

Zelf bonbons maken

Wist je dat er in chocola heel weinig vitamines zitten? 
Juist daarom moet je er veel van eten! ;)

Dit schandalig lekkere recept voor bonbons helpt je hier goed bij!
Deze bonbons zijn gemaakt van pure chocola en verbergen 
 
een tongstrelende, zachtzoete vulling. De vulling bestaat uit Carne de Membrillo. De wát brillo?
Laat me het even uitleggen.
Je bent zomaar opeens belandt bij deel 3, het laatste in de serie over kweeperen.

  • Het loflied over kweeperen inclusief geleirecept vind je hier.....
  • En hoe je een pure, helende gel  maakt van kweepeerpitten (goed tegen ruwe handen en kloven), vind je hier!

Oh, die verrukkelijke kweepeer, familie van de roos!
 In deze bonbons komt die heerlijk zoete geur en smaak helemaal tot z'n recht.
Terwijl ik twee maanden terug de kweepeergelei maakte, waarvoor ik het sap nodig had, bleef het vruchtvlees over. 
Dit vruchtvlees van de kweepeer kookte ik, samen met evenveel suiker, in tot een dikke massa. 
Dit duurde heel lang, maar was leuk om te doen. 
Op deze manier kun je trouwens meer snoepgoed maken, want dát ontstond er toen ik klaar was.

Ik stortte het mengsel in een cakeblik, liet het afkoelen en sneed het in plakken.
Deze Carne de membrillo is lang houdbaar. Het komt trouwens uit het Spaans. Membrillo betekent kweepeer en Carne de Membrillo is de superdikke ingekookte gelei van de kweepeer.
In Spanje wordt het traditioneel geserveerd bij schapenkaas, maar in een chocoladelaagje gehuld smaakt het hemels!
Heb je geen tijd om het zelf te maken?
Carne de membrillo is in een Spaanse winkel te koop en ook online te bestellen.

Bonbons met kweepeervulling

Ingrediënten:
             voor ongeveer 50 stuks
  • 300 g pure chocolade; let op het Fair Trade keurmerk 
  • 400 g Carne de Membrillo (ingedikte kweepeerpasta)
  • vetvrij bakpapier

Hoe maak ik het klaar:
Breek de chocolade in blokjes. Ik gebruik pure chocola omdat die het beste smelt en weer mooi opstijft. Ik kreeg zelfs een reep chocola, waarbij vermeldt werd dat ik deze bonbons ervan móest maken! ;) Witte chocola is, door het gebrek aan cacao, geen succes. Verwarm de chocola au-bain-marie. Ik zette een kleiner pannetje in een grotere pan met een laag water.



Al roerend smelt de chcocola tot een diepbruine, fonkelende chocoladesaus.

Snijd een blokje van een plakje membrillo af. Als deze al wat zachter is, zoals bij mij, kun je ook een balletje draaien tussen je vingers.

Doop het blokje of het balletje met een dessertlepel in de chocoladesaus en met behulp van een tweede lepel haal je het er weer uit. Leg de warme en nog zachte bonbon op een bord wat bedekt is met vetvrij bakpapier.
De bonbons hoeven niet allemaal even groot te zijn of precies rond of gelijkmatig. Je mag best zien dat het ambachtelijk handwerk is. Daar is niets mis mee!
Ook als er wat randjes uitlopen, is dat niet erg. Die breek je er later gewoon af.
Zet het bord, als het vol ligt met de bonbons, even in de koelkast om af te koelen.
De bonbons worden ook hard buiten de koelkast, maar dan duurt het wat langer.
Wil je een extra dikke laag chocola? Dan doop je de bonbons voor een tweede keer in de chocoladesaus.
Als je de vulling klaar hebt, zijn deze bonbons eigenlijk zó gemaakt. Kinderen vinden het super om te helpen en geef ze eens ongelijk. Lekker snoepen tussendoor van de chocola.

Je kunt dit werkje makkelijk onderbreken, als dat nodig is. Laat het pannetje met chocola gewoon staan. De chocola wordt hard en je gaat verder als je tijd hebt. Heb je te weinig chocola? Voeg wat extra blokjes toe. Of geef je chocoladeletter een leuke bestemming!

In plaats van kweepeerpasta, kun je ook ander (zelfgemaakt) zacht snoepgoed als vulling voor deze bonbons gebruiken. Bijvoorbeeld een dikke plak fruitleer, of Turks fruit òf vlierbloesemsnoepjes.....
Ideeën genoeg....
Meer recepten met kweeperen komen volgend jaar, want...… goed nieuws! Ik ga binnenkort toch een eigen kwee boompje kopen. Samen met de buurman heb ik er een plekje voor gevonden. Jippie!!

Is je vulling op en heb je chocoladesaus over? Je kunt dit storten in een vorm voor chocolaatjes of een ijsblokvorm.
Je kunt ook fruit in de chocolade dopen, denk aan een chocoladefondue met winterfruit. Of roer er pinda's doorheen voor pindarotsjes. De mogelijkheden met chocola zijn eindeloos.
Dus..... leef je uit!


Geniet van deze bonbons.
Wil je ze op bijvoorbeeld Kerstavond nog kunnen serveren?
Maak ze dan niet te vroeg, ze zijn op voor je er erg in hebt.
Zó mjummmm…..


maandag 26 november 2018

Oosterse stamppot met Amsoi

Het is weer om te stampen!!
En met deze grauwe dagen voegen we gewoon een zonnig, oosters tintje toe aan de stamppot.

Voor het groen in deze stamppot gebruikte ik Amsoi. Je kunt dit vervangen door Kaiso, Kailan of het bekendere Paksoi.  Het hoort allemaal bij de familie van de Brassicacea… een koolsoort.
Van augustus tot nu kun je het in sommige winkels, zoals een toko of Natuurvoedingswinkel, vinden
Hoe dan ook..... in mijn tuin groeide dit jaar Amsoi en dat was een wonder, want ik zaaide het in de uiterst droge periode midden juli en toen ik op vakantie was, raakte ook het water in de regenput op.....
Dat is denk ik de reden dat mijn Amsoi veel later pas begon te groeien.
En nu pluk ik daar nog de bladeren van.
Mooi trouwens, hè?! Licht groen blad met prachtige, paarse randjes.....

Amsoi is een Surinaamse groente met lichte mosterdsmaak. Dus eerst vroeg ik mijn Surinaamse vriendin hoe zij dit klaarmaakt. Een heerlijk, licht roerbakgerecht wat ik met rijst serveerde, was het resultaat.
Maar in deze stamppot smaakt de Amsoi ook heerlijk. Kun je geen Amsoi vinden, kies dan voor Paksoi.



Oosterse stamppot met Amsoi

          Voldoende voor 4-6 personen
Ingrediënten:
  • 1,5 kg biologische aardappelen
  • fijn zeezout
  • 2 struiken Amsoi 
  • 125 g cashewnoten
  • 1 tl gerookt paprikapoeder mild
  • 150 ml sojaroom
  • 150 g belegen kaas
  • 2 bosui (of stengelui)
Hoe maak ik het klaar:
Schil de aardappelen (of boen ze grondig schoon) en snijd ze in stukken. Breng ze aan de kook in een bodem water met wat zeezout.
Was ondertussen de groente en snijd zowel de stengels als het blad in smalle reepjes. 
Rooster de cashewnoten vlug lichtbruin in een droge koekenpan. Laat ze afkoelen op een bord, waar je de paprikapoeder door schept.
Snijd de bosui in stukjes en schep deze er ook door. Ik heb heel veel uistengels in de zomer geoogst, fijngesneden en ingevroren. Hiervan gebruikte ik nu zo'n drie eetlepels.
Als de aardappelen gaar zijn na zo'n 20 minuten,  giet ze dan af en stamp ze fijn. Roer er de sojaroom doorheen tot het een smeuïge puree wordt. Voeg eventueel wat water toe, als je te weinig room hebt.
Snijd de kaas in kleine blokjes. Voeg deze samen met de groente toe aan de puree en roer goed door. Verwarm de stamppot nog een paar minuten op laag vuur. 
Verdeel het cashewnotenmengsel over de stamppot en serveer meteen.

Wedden dat je grauwe, sombere dag wat opfleurt met deze Oosters getinte stamppot?
Try this at home.


En ik weet het nu zeker.  Ik zaai volgend jaar weer Amsoi in mijn moestuin!